Huis en wonen


QUIZ: oefen de woorden aangaande huis en wonen Italiaans-Nederlands
QUIZ: oefen de woorden aangaande huis en wonen Nederlands-Italiaans
Huis en wonen
Italiaans Nederlands
casa huis
giardino tuin
soggiorno woonkamer
camera (da letto) slaapkamer
(stanza da) bagno badkamer
cucina keuken
sedia stoel
tavolo tafel
divano bank, sofa
armadio kast
letto bed
lampada lamp
televisione (f) televisie
computer computer
telefono telefoon
porta deur
finestra venster, raam
scala trap, ladder
piano etage [ook: piano, plan, langzaam, zacht]
muro muur
tetto dak
soffitta zolder
soffitto plafond
pavimento vloer
seminterrato kelder
chiave (f) sleutel
serratura (deur)slot
tappeto tapijt